2.2.1.2 Toetsing

Autonomie betekent in het kader van professionaliteit toetsbaar gedrag voor zover dat synoniem is met onafhankelijk gedrag en tegengesteld is aan afhankelijk gedrag.
 
Hoe doe ik dat?
  1. U spreekt regels af om dit 'onafhankelijk gedrag' te toetsen
  2. U beseft dat spraakverwarring op de loer ligt want veel mensen verstaan onder autonomie ‘volledige vrijheid van handelen’
  3. U beseft dat professionele autonomie is omgeven door tal van gevoeligheden. Juist vrijheid ligt gevoelig
  4. U weet de paradox van vrijheid in gebondenheid (aan regels en voorschriften van de organisatie) te hanteren, bijvoorbeeld door integratie op een hoger niveau i.c. professionele samenwerking (zie ELO-Samenwerking).
  5. U begrijpt dat klanten juist een professional inhuren omdat die zo ter zake vaardig, deskundig en bevoegd is dat hij zich onafhankelijk kan gedragen. Als een professional zich te afhankelijk gedraagt, wordt dat door een cliënt gemakkelijk geassocieerd met ondeskundigheid en professionele prestaties van lage kwaliteit.