2.1.1 Zelfregulatie

Zelfregulatie is het vermogen om een goede balans te vinden tussen gerichtheid op de doelen van anderen en die van zichzelf. Dit vermogen is een voorwaarde die voortkomt uit de eis dat men (de maatschappij, de patient, de client) vertrouwen kan hebben in in een bepaalde beroepsgroep en/of haar vertegenwoordigers. 

Hoe doe ik dat?

  1. U beschikt over inhoudelijke kwaliteiten als persoon
  2. U heeft gezag en bent een autoriteit (zie ook Medisch gezag)
  3. U bent in staat uw gedachten, gevoelens en gedrag af te stemmen op wat als passend wordt gezien in een bepaalde context. U bent empathisch
  4. U zorgt voor consistentie tussen persoonlijke doelen en effectief handelen. U bent integer
  5. U stemt uw handelen af op dat van anderen (zie ELO-Communicatie: Afstemmen)

Meer weten? Zie B.2.2 Houding